
Om negen uur zie ik Maarten IJzerman, sinds begin dit jaar overgestapt van het Roessingh naar de UT. De UT investeert steeds meer in gezondheidswetenschappen en wij zien ons als groot topklinisch ziekenhuis daarin als een belangrijke partner in Twente. Aan het eind van ons overleg komt Marc Berg binnen, een nuttige ontmoeting ook met Maarten IJzerman. Marc is inmiddels een absolute autoriteit geworden op het terrein van ziekenhuisprocessen en dat is ook de reden dat wij hem gevraagd hebben ons bij te staan in onze transitie van een logge bureaucratische organisatie naar een efficiënt bedrijf dat hoogwaardige zorg levert met een oude slogan uit het openbaar vervoer: vlug, veilig en voordelig.
Met Marc Berg spreek ik verder over het stand van zaken van onze stappen in de zorgprogrammering en business process redesign. De nadruk moet de komende maanden komen te liggen op het hoe en minder op het waarom. Het is nodig de optimale omvang van de managementinformatie, nodig om de managers in staat te stellen hun RVE te managen, vast te stellen. Dat zit hem niet in zovéél mogelijk informatie, maar in precieze stuurinformatie, eerder een 'minimal dataset' dan meters papier. Dat is onze opgave en die van Edwin Hummel en zijn mensen om die dataset te ontwerpen, op basis natuurlijk van wat er al aan werk ligt.
Het overleg MSB RvB gaat ivm vakantie van vele deelnemers niet door. Dat geeft ruimte om eindelijk mijn werkkamer verder in te richten en op te ruimen. Opvallend is dat de meeste leeswerkjes, verzameld de laatste jaren, ook door voorgangers, hun actualiteit verloren hebben en dus in de oudpapierbak kunnen. Duizenden uren bevlogen en noeste schrijfarbeid gaan zo de vergetelheid in. Daar moeten we iets op verzinnen. In de wetenschap wordt er cumulatief geschreven. Het vertrekpunt is het onderzoekswerk dat in het verleden is verricht en dat in de vorm van literatuurreferenties onder het artikel komt en nog belangrijker het hart van de discussie vormt. Zo'n traditie is er nauwelijks met beleidsstukken. Moeten we iets op verzinnen.
Om vier uur arriveer ik in Utrecht. Het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie vraagt mij mee te denken over vorming van een raad van toezicht voor het bestuur. Interessant deze ontwikkeling. Het governance denken dringt ook door in de verenigingsgelederen van specialisten.
J. Herre Kingma
|