
Om negen uur spreek ik in Bosch en Duin Hein Abeln ter voorbereiding van onze werkconferentie over uitwerking visie en strategie met alle geledingen van MST in februari. Verder wil ik Hein ook betrekken bij mijn plan om dit voorjaar i.s.m. de UT een conferentie te houden over het vraagstuk samenwerking, fusie of concurrentie tussen de ziekenhuizen.
Concurrentie is nu zo'n beetje de norm geworden, maar dat is niet in alle gevallen zo vanzelfsprekend. Topzorg en complexe zorg in een relatief dunne markt vragen eerder om samenwerking en soms fusie dan om concurrentie. Anders ligt dat voor laag complexe ingrepen met een hoog volume. Volgende week spreek ik daar ook over met twee hoogleraren van de UT. We moeten op z'n minst toch in staat zijn een vorm te vinden waarbij we met de buren de achterdeur, cq het backoffice vaker delen, maar aan de poort een eigenstandig (stads)gezicht tonen.
Met de afdeling communicatie overleg ik over een bericht dat op de website moet over het profiel van Oldenzaal, naar aanleiding van de berichtgeving in TC Tubantia. De inhoud spreekt voor zich zelf.
Een Haagse relatie, voorzitter van de raad van toezicht van een ziekenhuis in de randstad, belt me vanmiddag, Ze zoeken een nieuwe raad van bestuur - de oude is opgestapt of anderszins geëclipseerd - en vraagt mij namen voor de longlist. Hij had me al een week geleden gebeld, maar het blijkt intussen niet eens zo simpel om snel met zinvolle suggesties te komen. Dat verklaart mede het veelvuldig inschakelen van searchbureaus voor dit soort functies. Toch ben ik zelf destijds voor mijn huidige functie aanvankelijk informeel benaderd door partijen in en bij het ziekenhuis, maar wel volgens het boekje netjes gevolgd door een klassieke selectieprocedure, ondersteund door Klaus Schmidt.
De rest van de dag besteed ik aan lezen en schrijven maar vooral aan het wegwerken van een enorme stapel vakantiepost. Zo levert vakantie altijd een beetje straf op (na de zonde).
Voor we het weekend ingaan nog een medisch akkefietje. We moeten met de hond die flink ziek is van, en rondhinkt met, een dikke achterpoot naar de dierenarts. Die maakt een tamelijk curieuze maar ook wel grappige opmerking, beetje van het type ik@nrc.nl. Hij begroet mij - kennelijk herkent hij in mij de oud Inspecteur Generaal, realiseer ik me een split second later - met de woorden: "bent u het zelf of bent u zijn zoon ?". "Ik ben het zelf", is het juiste, maar ook enige antwoord en we gaan over tot de orde van het spreekuur. Mijn vrouw is stomverbaasd over deze spontane ultrakorte act van twee heren, maar nog meer verbaasd over zijn inschatting van mijn leeftijd. De opmerking aan haar adres: "dan bent u nog jonger dan ik dacht", valt natuurlijk goed. Zo kunnen wij het weekend in. Onze hond gaat op de foto en moet maandag onder het mes voor een amputatie van een teen.
|