
Tijdens het weekrapport vanmorgen kijken we terug op de week en staan stil bij onze eerste aflevering van het Studium Generale. Is de boodschap voldoende overgekomen? We hebben de hospital standardised mortaility ratio (HSMR)van Sir Brian Jarman laten zien waarmee de sterfte in de Nederlandse ziekenhuizen redelijk betrouwbaar kan worden vergeleken. In Engeland wordt er al verplicht en openbaar over gerapporteerd, in Nederland experimenteren we nog, dus zo is binnen de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen afgesproken dat we nog geen getallen openbaar maken.
We geven dus geen ‘score’ maar geven wel aan dat onze score rechts op de curve ligt, dus dat vraagt om een substantiële verbetering. We vragen ons af of de urgentie voldoende gevoeld wordt in ons huis om tot drastische verbetering van de performance te komen. Financieel zijn we langzamerhand beter 'in control', maar op het terrein van kwaliteit en veiligheid zijn we dat nog onvoldoende.
Vandaag lunch ik met de radiologisch laboranten en hun collegae. Zij zijn gemiddeld genomen positief over hun werk en werkomgeving. Maar ook zij maken zich oprecht zorgen over de wachttijden bij de radiologie en dragen (technische) oplossingen aan. Maar we hebben het ook over alledaagse dingen, zoals de enorme file in de parkeergarage na vier uur 's middags als de meeste MST'ers naar huis gaan. Twintig minuten in de file in de parkeergarage is geen uitzondering. Nou kan je wel denken als directie: wij zijn hier toch voor de strategie, maar dit soort zaken vraagt wel om een snelle oplossing. De bereikbaarheid en 'vertrekbaarheid' van en uit ons ziekenhuis mogen we niet bagatelliseren, doen we ook niet. Sterker, daar moet een oplossing komen, anders komt onze keuze voor de binnenstad ons straks duur te staan.
Ik word geïnterviewd door Jeroen Piersma van het Financieel Dagblad. Ze willen mijn ervaringen als ziekenhuisbestuurder horen vanuit mijn vorig positie als Inspecteur-Generaal. Hoe pak ik patiëntveiligheid aan, hoe vergroten wij de kwaliteit en doelmatigheid. Ik vertel over onze aanpak met de hulp van PLEXUS. Ik laat ook de HSMR (sterfte curve) zien als samengestelde indicator. Het is een goed interview. Jeroen Piersma heeft nog maar kort de portefeuille zorg en stelt dus nog frisse vragen. Ik krijg het stuk te zien ter correctie van eventuele feitelijke onjuistheden voor het morgen verschijnt in het FD.
Met de Medical School gaan we de lopende zaken langs. Interessant is de vraag uit ons OOR NO (de opleidings- en onderwijsregio Noord Oost waarin alle opleidingsklinieken, gecoördineerd door het UmC Groningen) aan ons om prestatie-indicatoren te ontwikkelen voor de opleiding tot specialist. Vreemd is die vraag niet, gelet mijn ervaring bij de introductie van de prestatie-indicatoren in de gezondheidszorg, maar het gaat hier wel om een heel ander domein. Een aardige uitdaging
Op het scheiden van de markt zien Marianne Lensink en ik uroloog Boudewijn Santerse. We zien hem omdat hij beoogd medisch coördinator van de RVE (resultaat verantwoordelijke eenheid) urologie wordt. Een goed gesprek over onze wederzijdse verwachtingen. De specialisten gaan straks dus niet alleen hun medisch proces managen, maar ook de hele deelorganisatie er omheen. Dat laatste zal in de praktijk vooral de bedrijfskundig manager doen, maar de medicus heeft daarin op zijn minst een gedeelde verantwoordelijkheid.
|