
Vanmorgen rijdt Marianne Lensink mee naar Enschede. Haar eerste werkdag als lid van onze Raad van Bestuur, die nu met drie leden voltallig is. Marianne was zorgmanager in het UMC Utrecht en wordt nu binnen onze Raad van Bestuur o.a. verantwoordelijk voor de directe zorg. Overigens moeten we de werk- en portefeuilleverdeling nog vaststellen de komende weken. Uitgerekend vandaag is één van de weinige keren dat we in de file staan op weg naar Enschede, vertel ik Marianne, die net als ik voorlopig op en neer reist van Utrecht naar Twente.
Kerst, Oud- en Nieuwjaar zijn rustig verlopen in ons ziekenhuis, stellen we vast tijdens ons weekrapport op maandagmorgen. We staan vanochtend stil bij het bericht van overlijden van een ziekenhuismedewerker afgelopen zaterdag. Afgelopen jaar zijn er, naar ik weet, drie mensen in actieve dienst overleden. Dat maakt altijd grote indruk, heel anders dan de patiënten die dagelijks overlijden in ons ziekenhuis als gevolg van hun ernstige ziekte.
Met Ellen Zanderink en Aad Arkenbout neem ik de aanvragen en geplande praatjes en voordrachten door voor de maand januari, te beginnen met de toespraak op de nieuwjaarsreceptie vanmiddag. We vullen nog wat aan hier en daar. De toespraak zal na vanmiddag op de site van het ziekenhuis staan. Daarna de achterstallige zaken van 2006, deels blijven liggen door een hardnekkig eindejaarsgriepje dat me afhield van mijn dagelijks corvee, dat - vrije dagen of niet - toch altijd een beetje doorgaat. Kan ook niet anders met zo'n groot bedrijf.
Om elf uur praat ik verder met Marianne Lensink over het ziekenhuis en vat nog eens mijn visie, ontwikkeld in het afgelopen jaar, samen. Zij zal daar ongetwijfeld het nodige aan toevoegen de komende tijd. We staan stil bij het fenomeen bureaucratie en regels, waar MST en verder heel Nederland onder zucht. Maar al die regels hebben we zelf met mekaar gemaakt, meestal met de beste bedoelingen. Regels gaan nogal eens voorbij aan de eigen verantwoordelijkheid van mensen. In de gezondheidszorg gaan artsen en verpleegkundigen na hun opleiding met een heel eigen regel-overstijgende verantwoordelijkheid op pad en aan het werk. Iedere professie kent een beperkte set van misschien zo'n stuk of tien breed toepasbare open normen, We moeten oppassen dat de vele regels daaroverheen en omheen gedrapeerd, ons het zicht op die eigen normen niet ontnemen. Die begripsverduistering leidt er zelfs toe dat regels geen zichtbare relatie meer hebben met de norm waar ze vanaf geleid dienen te zijn en dan inderdaad alleen nog maar de bureaucratie dienen.
Vandaag lunch ik met een groep verpleegkundigen en medewerkers van de spoedeisende hulp. Het is een zeer levendige uitwisseling van onze opvattingen over kwaliteit en doelmatigheid. De SEH-ers zijn bezorgd over de conclusies van PLEXUS over de performance van de SEH. Ze vragen zich af of kwaliteit en inzet wel voldoende worden meegewogen en of het niet te veel een verhaal van geld en efficiency is geworden. Ik geef mijn visie dat het altijd moet beginnen met de definitie van goede zorg. Waar moet die aan voldoen, ook op basis van de heersende richtlijnen. Als je dat 'pakket' hebt vastgesteld, en dat is voor alles een zaak van de professionals -die hebben de definitiemacht- , ga je vervolgens kijken met de managers hoe dat allemaal zo slim, efficiënt en doelmatig mogelijk kan worden geleverd met als breed uitgangspunt van kwaliteit "hoe te voldoen aan de gerechtvaardigde verwachting van de patiënt". Dat is de definitie van kwaliteit, die mij het meest aanspreekt. De tijd vliegt om en om kwart voor twee maant de secretaresse ons want de volgende afspraak is alweer gearriveerd.
.
Om een uur of vier vertrekken we naar de nieuwjaarsreceptie in de multifunctionele ruimte, aangeduid met de net als de inrichting wat gedateerde naam ‘Bruin Café’. Ik schud vele handen, zie vele bekende gezichten, van wie ik veel te weinig namen ken en kan onthouden. Om half vijf mijn speech, zie nieuwjaarstoespraak. Mijn Leitmotiv is hoe zetten we de goede plannen en ideeën, waaraan MST rijk is, om in beleid en tastbaar resultaat.

Verder willen we komend jaar serieuze zaak maken met de 'restyling' van Oldenzaal, zowel naar vorm en functie, willen we meters maken in de samenwerking met de ziekenhuizen in onze regio via het TAZDO, het al vele jaren bestaande, maar niet altijd even productieve overleg van ziekenhuizen in Twente en Achterhoek. Last but not least sta ik ook even stil bij de verwachtingen, die we mogen hebben van een nieuw kabinet: wordt de ingezette marktwerking doorgezet of juist weer wat afgeremd, wordt het bouwregime geliberaliseerd, waarmee onze plannen voor nieuwbouw staan of vallen. Kortom, naast goede voornemens ook veel ongewisheden in het nieuwe jaar.

Ik stort mij na mijn verhaaltje in het gewoel, praat en toast, maar kan mij niet aan de indruk onttrekken dat het toch wat rustiger is dan vorig jaar. Van de meer dan vierduizend mensen zijn misschien hooguit vijf procent en dat geeft te denken. In mijn vorige ziekenhuizen was dat anders. Volgend jaar wil ik een grotere opkomst, desnoods op een andere grotere plek. Alweer een goed voornemen!
|