
De voorzitter van het Medisch stafbestuur koppelt de reacties in de kernstaf op het organisatiebesluit terug aan Marianne Lensink en mij. Bert Vos is met vakantie tot maandag. Er zijn drie lijnen. 1) de staf vindt dat er onvoldoende gestandaardiseerde managementinformatie is om op zinvolle wijze en met verantwoord risico deel te nemen aan de besturing van de resultaat verantwoordelijke eenheid (RVE). Onduidelijk is ook hoe met tekorten en 'winsten' wordt omgegaan. Er is nog geen afspraak hoe de nieuwe medisch managers financieel worden gecompenseerd. 2). Een al lang bekend bezwaar is de opheffing van de laag afdelingshoofden, ook al wordt dat gecompenseerd door teamhoofden en bedrijfskundig managers. Dit blijkt verschillend te liggen in de RVE"s. De staf hoopt dat dit kan worden opgelost door per RVE maatwerk te leveren. 3). Het Medisch Stafbestuur vindt dat er te weinig voortgang wordt gemaakt met het duale bestuur op niveau Raad van Bestuur en stafbestuur. Anders gezegd: er zijn nog geen concrete stappen gezet om het stafbestuur structureel te betrekken bij het ziekenhuisbestuur, aldus de Kernstaf en MSBestuur. Met name de eerste set argumenten brengt de staf er toe nog geen voordrachten te willen doen voor kandidaat medisch managers, totdat er meer duidelijkheid is. De RvB meent een belangrijk aantal punten te kunnen weerleggen en zal dat ook doen na ommekomst van de schriftelijke reactie van de Kernstaf. Zoals ik gisteren al zei, het besluit staat vast maar in de wijze van implementatie zijn naar mijn mening voldoende mogelijkheden om aan belangrijke delen van de kritiek tegemoet te komen.
's Middags ga ik naar Amsterdam om deel te nemen aan het afscheid van Arthur Docters van Leeuwen bij de AFM (Autoriteit Financiële Markten) in de beurs van Berlage. Waarschijnlijk ben ik de enige ziekenhuisbestuurder en zeker de enige dokter in het gezelschap van directeuren van banken en andere financiële instellingen. Het afscheidssymposion gaat o.a. over de klassieke vraag of toezicht nou rule based of principle based moet zijn. Gaat het om het handhaven van een gedetailleerde set regels of een beperkt aantal principes, open normen en geboden. In de gezondheidszorg moet het toezicht naar mijn mening principle based zijn. De professionals gaan hoog opgeleid het vak in en aanvaarden bekrachtigd door eed of belofte een enorme eigen verantwoordelijkheid. Dat verklaart waarom er maar ca. 100 tot 150 inspecteurs zijn in de enorm omvangrijke sector gezondheidszorg, terwijl de voedsel en waren autoriteit er veel meer dan 1000 heeft rondlopen. Eén ding is duidelijk, ook in de financiële wereld, bij het toezicht gaat het steeds meer om de prestatie, de performance, de outcome, het resultaat. Daarom in de zorg ook die grote aandacht voor prestatie indicatoren sinds enige jaren.
J. Herre Kingma
|