
Vanmorgen krijg ik bezoek van een Finse delegatie van vier dames. Zij houden zich in hun land bezig met thuiszorg en netwerkzorg na ontslag uit het ziekenhuis. Aardig hoe je in vergelijkbare landen met vergelijkbare culturen binnen een mum van tijd de kern van het vraagstuk kan raken, de opvang van onze sterk vergrijzende bevolking met een groeiende ziektelast, die een toenemend beroep doet op medische voorzieningen en thuiszorg. Cees Berger, kwartiermaker Vrouw Kind Centrum, zal de delegatie een rondleiding geven door ons ziekenhuis.

Nicole Edelenbos van Boer en Croon vraagt me telefonisch referenties over een oud medewerker i.v.m. een interimfunctie. Dat is makkelijk, want het betreft in dit geval een manager, die uitstekend werk heeft geleverd onder lastige omstandigheden. Ik word regelmatig gebeld met dit soort vragen. Niet altijd kan je die zo makkelijk positief beantwoorden. Maar een echt negatief antwoord heb ik nog nooit gegeven. Je wil niemand beschadigen of kansen ontnemen. Vraag is dus wat de waarde is van dergelijke informatieuitvraag. Je kunt je zelfs afvragen of dit soort vragen überhaupt wel gesteld mogen worden, subjectief als ze zijn evenals de antwoorden, die zeer sterk situationeel bepaald zijn. Een nieuwe bron voor reputatieonderzoek is Google. Ik ben zelf op duizenden sites te 'googlen'. Daar zitten himmelhoch jauchzende, overdreven, mooie, aardige, authentieke, saaie, negatieve en zelfs ronduit gelogen en beledigende verhalen bij. Die kwamen ook naar boven bij mijn komst naar MST twee jaar geleden en leidden zelfs tot vragen, die nog niet zo heel lang geleden als 'volstrekt impertinent' beschouwd zouden zijn. Zo wordt deze elektronische roddel, gepresenteerd op het computerbeeldscherm getransformeerd tot een soort nieuwe waarheid en werkelijkheid. Welke manager of bestuurder, die moeilijke dingen doet, blijft schadevrij. Natuurlijk, hij of zij die risico's ontloopt of die handig afwentelt op nabije derden houdt schone handen. "Was mich nicht umbringt, macht mich stärker", zei Nietzsche. Het is een functie van leven en werken en het resultaat noemen we levens- en werkervaring. Die loutert en maakt je geschikt om lastige opdrachten zonder al te veel schade voor jezelf en je omgeving te volbrengen.
Net op tijd bereik ik het Concertgebouw voor de anatomische les, het jaarlijkse relatie-event van het AMC. Gewoontegetrouw loop ik naar de foyer bij het frontbalkon, waar gastvrouw Louise Gunning de speciale gasten van de raad van bestuur begroet. Vanaf mijn benoeming als inspecteur generaal krijg ik deze uitnodiging, maar -zo blijkt uit de onverbiddelijke gastenlijst - dit jaar, inmiddels gewoon ziekenhuisdirecteur kennelijk niet meer. Ik zwaai nog even naar een bekende UMC bestuurder en vindt op de valreep een plaatsje elders in tot de nok toe gevulde concertzaal. Besturen in topfuncties is net topsport, je moet wel goed aanvoelen wanneer het genoeg is geweest en waar je nog wel en niet meer in mee moet willen draaien in wat ik maar noem de randstadcircuits. Twente biedt zelf meer dan voldoende compensatie hiervoor.
Vanavond komen de raden van bestuur van de samenwerkende topklinische ziekenhuizen (STZ) bijeen in Hoevelaken aan de vooravond van de STZ vergadering. Het thema is patiëntveiligheid. Andre van der Veen van het bedrijf de Praktijkindex, vroeger RIVM, geeft een exposé van het gebruik van de HSMR, de gestandaardiseerde ziekenhuissterfte en de mogelijkheden deze te analyseren tot op het niveau van de diagnose (SMR) en het verloop te monitoren. In ons ziekenhuis hebben we besloten dat niet te doen. Sterker, analyse op patiënt/casusniveau door de chirurgen geeft een sterk vertekend beeld. Wij zijn er nog niet aan toe de HSMR als betrouwbare maat voor kwaliteit te hanteren. Conclusie van velen is dat patiëntveiligheid een topprioriteit moet zijn of worden in de STZ ziekenhuizen met concrete targets en deadlines, zoals bijv. een jaarlijkse reductie van de ziekenhuissterfte met 5%.
J. Herre Kingma
|