
Ik mag weer een stuk of vijftien nieuwe medewerkers verwelkomen. Deze keer overwegend verpleegkundigen en een enkele laborant. Ik steek dan steeds een verhaal af waarin ik probeer te beschrijven in welke fase van verandering ons ziekenhuis zich bevindt. Dat mag niet te abstract zo’n verhaal, maar een richting aangeven, een ambitie uitspreken dat we veilige, hoogwaardige en patiëntgerichte zorg willen leveren zo aan het begin van je loopbaan in ons huis, dat vind ik nuttig en nodig. Er is meestal weinig discussie, maar deze keer zijn er toch wel reacties, zoals over de beoogde verkorting van de verpleegduur. Hoe je dat realiseert, hoe je dat kunt opleggen van boven. Dat laatste kan niet en doen we natuurlijk ook niet. Ik leg uit dat het een uitkomst van beleid op een afdeling moet zijn. Het is niet het volgen van een nieuwe regel, maar het proberen te behalen van een resultaat.
Vandaag geen overleg MSB en Raad van bestuur, maar overleg van de faculty van ons Studium Generale, ons nascholingscircus voor managers en stafmensen. Hoe gaan we dit najaar verder op de dit voorjaar ingeslagen weg. We zullen eerst nog een paar bijeenkomsten wijden aan de “markt”. Twijnstra en Gudde heeft marktonderzoek gedaan en daarop een analyse gepleegd. Die is ongefilterd naar de managers gestuurd en beoogt een beeld te geven van de perceptie van onze omgeving van onze kwaliteit van zorg. We zullen dat ook bij de najaarsgesprekken betrekken. Hoe verbeteren, waar nodig en mogelijk, die perceptie over ons functioneren. Dat begint natuurlijk bij het functioneren zelf, al is dat lang niet altijd de reden waarom de reputatie wel eens achterblijft bij de eigen interne opvatting over prestatie. Verder zullen we de managementtool die begin november gereed zal zijn, in bijeenkomsten in november en december de revue laten passeren.
Eind van de middag discussiëren we met de medisch coördinatoren van het Thoraxcentrum (TC) over de vraag in hoeverre en op welke wijze verdere verzelfstandiging van het TC mogelijk en gewenst is. Als het ergens kan, kan het in het TC. Als dat lukt, is dat een belangrijke stap op weg naar het ziekenhuis, ingedeeld in thematische klinische centra, waar verschillende maar verwante disciplines een geïntegreerd product leveren in een omgeving, waarin de menselijke maat de norm is en de patiënt en zijn ziekte centraal staan. Artsen en verpleegkundigen zullen daar niet alleen zorg leveren, maar ook zo veel mogelijk zelf leiding geven aan hun onderdeel van het ziekenhuis met op den duur alle lusten en lasten van dien. Er zal nog veel moeten worden gerekend en geregeld voor we dat bereikt hebben, maar de eerste stap moet je een keer durven zetten.
Om een uur of tien ’s avonds rijden we naar Hilversum. Ik zal om twaalf uur optreden in het programma casa luna, waar ik tussen één en twee geïnterviewd zal worden door Frank Dumosch, die ook regelmatig Netwerk presenteert op TV 2. Het gaat -onvermijdelijk- over de miljoenennota, in het bijzonder de zorgmiljoenen, maar ook over mijn visie op zorg en mijn persoonlijke ervaringen als specialist, toezichthouder, bestuurder en patiënt passeren de revue. Een lievelingsmuziekje van mij wordt gedraaid rond half één, het adagio uit het hoboconcert van Tomaso Albinoni (voor de liefhebber opus 9, nr 2). Het klinkt prachtig in de stilte van de nacht. Dat vinden ook sommige luisteraars, die willen weten waar ze dit stuk kunnen vinden. Ik vertel dat ik deze CD kocht in Italië tijdens een reis door Toscane, die we in mei 2004 maakten met een bevriend echtpaar. Het was min of meer een herhaling van dezelfde reis, die we in mei 1976 vlak na ons afstuderen maakten. Toen keken we vooruit, nu keken we terug op onze medische carrières. Zo’n drie kwartier vliegt om, want om kwart voor één worden we afgelost door het radiofeuilleton met Ollie B.Bommel.
J. Herre Kingma
|