
Vanavond ben ik gevraagd een lezing te houden voor een gezelschap in Holten. Ze hebben een indrukwekkende lijst sprekers over een scala van onderwerpen gehad en de bedoeling is dat ik zal spreken over patiëntveiligheid. Ellen en Aad staan me bij in het samenstellen van dit verhaal op basis van de vele presentaties die ik hierover heb gehouden de afgelopen jaren. Kunst is niet te veel te willen vertellen.
Met Michiel van Putten spreek ik over zijn bijdrage aan het onderwijs en onderzoek op het terrein van de technische geneeskunde (TG). Met Peter Vooijs spreek ik binnenkort over leerstoelen binnen dit vakgebied en de mogelijkheid of verzoek van de UT om de bezetters van die leerstoelen een klinische werkomgeving te bieden in MST. Andersom kunnen ook clinici van ons kandidaat zijn om zo’n leerstoel te gaan bezetten, maar dat is niet vanzelfsprekend. Er zijn ook contacten met UMC’s en andere ziekenhuizen, dat is gezond. Anderzijds, een klinische werkomgeving in de buurt van de Universiteit is ook een groot voordeel. In onze te realiseren nieuwbouw zouden we heel goed een stukje UT kunnen huisvesten, dat zo’n alliantie met een deel van de kliniek wil realiseren. De klinische neurofysiologie is wel zo’n vakgebied dat zich leent voor zo’n alliantie. Wordt vervolgd.
Met Rolf Egberink en Cees Schenkeveld bereiden we het overleg van het ROAZ voor, het regionaal overleg acute zorg. Dat loopt goed. Men werkt hard aan de uitwerking van een reeks acute zorgketens (hartinfarct, CVA enz), waarvan zo langzamerhand alle stakeholders het belang beginnen te zien. We moeten er wel voor zorgen dat het straks binnen de ziekenhuizen minstens zo goed loopt als buiten. MST huisvest het regionaal traumacentrum (één van de tien/elf in Nederland) en in die hoedanigheid mag ik het ROAZ ook voorzitten. Zoiets kun je alleen geloofwaardig op afstand doen als er mensen zijn zoals Rolf en Kees die zo’n operatie met veel enthousiasme en overtuiging dicht op de werkvloer uitvoeren en al die sterk verschillende groepen van o.a huisartsen, specialisten, GGD artsen, RGF staf, bestuurders en managers bij elkaar organiseren.
Dr. Hageman, neuroloog, is voorzitter van de benoemingsadviescommissie (BAC) anesthesiologie. Men heeft drie kandidaten beoordeeld voor drie posities, die mij worden gepresenteerd. Ik begrijp dat er wel meer belangstellenden/brieven waren, maar die zijn er voor ze de BAC hebben kunnen bereiken al uitgefilterd. De overgebleven kandidaten lijken zeer geschikt ! Dat neemt niet weg dat de procedure op deze manier uitgevoerd, niet de schoonheidsprijs verdient, want de BAC moet zich een oordeel kunnen vormen over alle potentiële kandidaten, alvorens tot een advies te komen. Daar gaan we bij volgende procedures aandacht aan besteden, dat vindt ook mijn omgeving op de bestuursgang. Het spreekt vanzelf dat dit ook een typisch onderwerp is voor ons wekelijks overleg MSB-RvB.
Later op de middag word ik gebeld door een oude relatie uit mijn tijd als Inspecteur Generaal Gezondheidszorg en Chief Medical Officer namens Nederland in de EU. Mijn oud collega uit Engeland, Sir Liam Donaldson (Sir hoort daar bij de functie van UK CMO ) nodigt mij uit in een commissie die de National Health Service moet beoordelen op kwaliteit en veiligheid. Hoewel ik mezelf en mijn medewerkers net heb beloofd niet te veel externe verplichtingen aan te gaan, wil ik deze toch niet laten lopen. Ik ken Liam Donaldson goed en zijn ondernemingen leiden altijd tot iets. Misschien ook iets om straks in Nederland uit te voeren. Voorzitter van de commissie is trouwens een zekere Lord Denham, die nog praktiseert als chirurg. De verpakking in Engeland van zo’n initiatief met een lid van de nog redelijk springlevende adel doet het altijd wel goed.
’s Avonds houd ik mijn verhaal over patiëntveiligheid in Holten. Het zaaltje is helemaal gevuld met een, ik schat een man of vijftig zestig. Een heel mooie opkomst. Ik doe mijn verhaal, er is een heel levendige discussie. Dat betekent dat je wel wat hebt losgemaakt. Toch bekruipt me het gevoel dat ik het wel weer heel volledig heb willen vertellen voor een publiek van – een aantal artsen, deels n.p. ten spijt – ontwikkelde leken. Ik spreek ook nog een oud patiënt, die ik jaren controleerde in Nieuwegein, inmiddels onder controle bij de cardiologen in MST. Er zijn ook een aantal oud specialisten van MST onder mijn gehoor en natuurlijk huisarts Mazel, inmiddels ook n.p., uit Borne, die me hiervoor uitnodigde. Hem ontmoette ik nota bene begin 2000 ten tijde van de huisartsenacties in Twente. De sfeer toen was een beetje grimmig en mijn rol als Inspecteur Generaal en handhaver van de medische orde was nou niet echt vrijblijvend. Dat nam niet weg dat tussen Mazel en mij het ijs snel gebroken was toen ik mijn Hulshoff roots uit Borne openbaarde en wij al snel uitkwamen bij mijn overleden bijzondere oude nicht/tante Jo Hulshof-Hulshoff.
J. Herre Kingma
|