
Met Herman ten Vergert, onze jurist, neem ik periodiek de lopende juridische zaken door. Zo ook vanmorgen. Dat betreft de verschillende stadia van tuchtzaken, schadeprocedures, maar ook contractvraagstukken met partijen binnen en buiten het ziekenhuis. De tuchtzaken nemen de meeste tijd. Ik ken het probleem zo langzamerhand van alle kanten. In mijn vorige functie als inspecteur generaal zag ik veel zaken langs komen in het ultralaatste stadium, maar als net begonnen cardioloog kreeg ik zelf ooit een tuchtklacht tegen me, geen schadegeval, maar mijn weigering een Jehova getuige te laten opereren zonder bloedtransfusie met behulp van de hartlongmachine. Gelukkig kon ik die klacht toen met een verweerschrift effectief pareren. Ik heb regelmatig collegae zien worstelen met tuchtklachten, soms bij een terechte klacht, maar ook regelmatig met een in mijn ogen onterechte klacht of claim, al was die niet onterecht in de beeldvorming van de klager. Daar, bij dat verschil in visie op de kwestie, begint de tragiek. Dokters voelen zich beschadigd, patiënten voelen zich afgewezen. In ziekenhuizen worden jaarlijks miljoenen handelingen verricht en het zou een wonder zijn als die allemaal goed gingen. Er vallen volgens recent onderzoek jaarlijks zo'n 1400 tot 2000 (gemiddeld 1735) vermijdbare doden in de ziekenhuizen in ons land. Anderhalf tot twee maal zoveel als in het verkeer. Amerikaanse en Britse ziekenhuiscijfers vallen ruim tweemaal zo hoog uit. Dat geeft te denken over de juistheid van het Nederlandse onderzoek. Het aantal slachtoffers dat blijvende schade oploopt, bedraagt overigens een veelvoud van de genoemde 1735. Zaken kunnen om vele redenen 'fout' gaan. Beter dan te spreken van een fout kun je spreken van een 'ongewenste en onverwachte uitkomst'. In de Engels/Amerikaanse literatuur spreekt men van 'adverse event of adverse outcome'. De oorzaken zijn legio. Er kan simpelweg sprake zijn van niet aanslaan van de behandeling, het mislukken van de behandeling, het optreden van een complicatie, het optreden van een menselijke vergissing, die iets onvermijdbaars in zich heeft en en last but not least een echte, vermijdbare fout of tekortschietend handelen. Dan kan de setting bij zo'n vermijdbare fout nog enorm verschillen. Is er sprake van onwetendheid, grove onkunde, overmoed, roekeloosheid, luiheid nonchalance, niet luisteren of recidivisme bij de dokter of verpleegkundige, dan is een strenge sanctie op zijn plaats. Punt uit! In alle andere gevallen is straf contraproductief. Het bestraffen en zelfs schorsen van een IC- verpleegkundige, die na 22 jaar punctueel functioneren een fatale vergissing maakte door een ampul te verwisselen (waar gebeurd verhaal in Engeland), draagt niet bij aan het vergroten van de veiligheid op de IC. Dat bereik je alleen door een meldingsbereidheid van fouten van 100% te bereiken, iedere ongewenste en onverwachte uitkomst zorgvuldig en diepgaand te evalueren, die duidelijk te communiceren, te beginnen naar de patiënt en er van te leren. Dat vraagt om een omgeving waarin je veilig, 'blamefree' kan melden. De inspectie respecteert dat ook en in Denemarken is 'blamefree reporting' zelfs bij wet geregeld. Dat betekent allerminst dat klachten van patiënten over vermeende fouten geen zin meer hebben. In tegendeel. Een klacht moet tot veiliger zorg leiden en wanneer er sprake is van zo'n feit uit het rijtje verwijtbare omstandigheden, is afhankelijk van de ernst achtereenvolgens de dagelijkse leiding van de afdeling of vakgroep of RVE, de Raad van Bestuur, de inspectie of uiteindelijk zelfs de strafrechter aan zet. We werken in het ziekenhuis aan een kwaliteits- en veiligheidbeleid dat geborgd is door een veiligheidsmanagementsysteem, al in 2002 verplicht gesteld door de inspectie. Al deze noties over adverse outcome en fouten gaan niet over het vergoeden van schade. Dat is een apart issue. Er is behoefte in ons land aan een zogenaamde 'no fault' verzekering naar Zweeds voorbeeld, die ongeacht schuld, de schade voor de patiënt dekt. Dat voorkomt nogal wat strategische klachten om een sterkere positie bij de schadeafhandeling te verkrijgen. Schade moet dus sowieso vergoed worden.
Er is vandaag een voortgangsbijeenkomst van de lange termijn huisvesting (LTHP) groep, nu mbt Oldenzaal. Er is flink wat beweging aan het komen rond het ziekenhuis, ook op initiatief van de gemeente en onze Raad van Bestuur heeft begin dit jaar besloten Oldenzaal na een lange periode van radiostilte over dit onderwerp te herontwikkelen tot een centrum voor planbare zorg/electief behandelcentrum (EBC), een facilitair centrum voor transmurale en eerste lijnszorg en een woonzorgcentrum annex zorghotel. Dat laatste eerst ter verkenning van de mogelijkheden. Het EBC, facilitair centrum en hotelbedrijf vragen al zo veel ruimte dat het woonzorgcentrum wat naar de achtergrond schuift. Architect Harry Abels toont mogelijkheden voor het terrein vanuit de handhaving van een groot deel van de bestaande bebouwing. De aanbouw uit de jaren zestig is mogelijk ook restauratiewaardig, al zullen nog niet velen de stijl uit die tijd weten te waarderen. De omvang van MST Oldenzaal en MST Enschede zijn communicerende vaten. Het is dus nu steeds belangrijker te weten wat we waar willen doen. Electieve zorg in Oldenzaal, complexe en topklinische zorg in Enschede, poliklinische zorg op al onze vier locaties Enschede, Oldenzaal, Losser en Haaksbergen.
Vanavond houd ik een voordracht in Bussum. Ik ben gestrikt door een goede vriend om voor zijn club van overwegend vrije beroepers en managers te spreken. Het zijn ontwikkelde leken, die een uitgesproken mening hebben op de organisatie van onze gezondheidszorg. De oplossingen, die wij als bestuurders in de zorg niet lijken te zien en die zij zo logisch vinden, werken niet of kunnen niet in ons, ook na de herziening nog steeds complexe stelsel. Het toont weer eens aan dat de regel- en wetgeving ver af staat van wat ons gezond verstand ingeeft. Dat geeft te denken. In ieder geval zijn de wegen die de bestuurders en managers in de zorg kiezen voor velen van een ondoorgrondelijkheid, die bij de klanten - en dat zijn we uiteindelijk allemaal - tot vervreemding leidt. Niettemin was het een gezellig avondje op de Gooise matras.
J. Herre Kingma
|