
Vanmorgen vroeg word ik gebeld door Radio Oost. Ze hebben de Tubantia gelezen en willen meer weten over de ophanden zijnde reductie van arbeidsplaatsen met 200 fte. Uit vragen blijkt dat er angst is dat hierdoor de zorg zal verschralen. "Moet de patient dan vervroegd naar huis, ook als die nog niet beter is ? Zijn het de managers, die er uit gaan of toch de handen aan het bed ?" Ik leg uit dat er geen ontslaggolf volgt, dat het gaat om inkrimping van arbeidsplaatsen, ongeveer één per tien tot twintig medewerkers, afhankelijk van type functie en afdeling. Dat denken we te bereiken via natuurlijk verloop en intensivering van seniorenregelingen, zoals de OBU. Als dat allemaal te weinig oplevert, zijn ontslagen inderdaad niet uit te sluiten, verklaar ik aan de presentator, maar daar gaan we vooralsnog niet van uit. Ja, we praten ook met de vakbonden, die zeggen ervoor te gaan liggen als het ten koste gaat van de zorg. Dan zijn ze in goed gezelschap, want dat is ook de randvoorwaarde van de Raad van Bestuur. Waarom komt dit nu ineens allemaal. Zagen we dit niet aankomen ? We moeten dit jaar en de komende jaren miljoenen bijdragen aan de taakstelling die de ziekenhuizen van het kabinet opgelegd gekregen hebben, er is druk op de prijzen en de ontwikkeling van de omzet doordat de marktwerking zich langzamerhand laat gelden. Er moeten grote investeringen gedaan worden in upgrading van technische voorzieningen en de sterk verouderde huisvesting. We zijn dringend toe aan een nieuw compacter, efficiënter en meer op de wensen van zowel patiënt als professional toegesneden gebouw toe. De twee jaar geleden ingezette operatie om met slim beleid, zoals zorgprogrammering en ligduurverkorting efficiency voordelen te behalen juist in het primaire proces, heeft wel een omslag in het denken te weeg gebracht, maar dat heeft zich nog niet vertaald in lagere kosten, cq hogere productiviteit, dwz meer doen met minder mensen en middelen. Op dat punt hebben we een zeer forse inhaalslag te maken en liggen we achterop bij vele collega ziekenhuizen elders. Zo moet de reductie van arbeidplaatsen ook worden gezien. De Raad van Bestuur had erop gerekend dat die reductie van arbeidsplaatsen het 'natuurlijk' gevolg zou zijn van al die efficiencyverhogende maatregelen, maar dat blijkt te optimistisch. De RVE-en (Resultaat Verantwoordelijke Eenheden) zijn daarvoor nog onvoldoende geëquipeerd. We zullen dus met de RVE'en aan en in de slag gaan om deze hoogst noodzakelijke ombuiging daadwerkelijk te realiseren. Dat zal niet met de beruchte kaasschaaf gaan, maar selectief, met het taartmes om de vergelijking door te trekken. Het beddenreductieplan, waarover we deze week besluiten, is daarin een hoeksteen. Dat maakt zo'n 60 fte vrij, die elders ingezet kunnen worden waardoor minder flex- en andere tijdelijke contracten met externen nodig zijn. Daar blijft het niet bij, ook de ondersteuners, het facilitair bedrijf, de administratie, de Raad van Bestuur niet uitgesloten, zullen kritisch moeten kijken naar hun formatie en moeten bijdragen in de ombuiging. Als we nu doorpakken, zullen we daar na 2009 de vruchten van kunnen plukken.
J. Herre Kingma
|