![]() |
![]() |
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Het verloop van de besluitvorming rond het beddenplan heeft een aantal imperfecties van het besluitvormingsproces aan het licht gebracht. De eerste gesprekken hierover dateren al van eind 2007 en de invoering ging pas eind vorige week, drie kwart jaar later van start. Ten eerste moeten we de communicatie naar de medisch coördinatoren verbeteren. Die horen kennelijk nog te weinig via de 'lijn' van deze voor de medici cruciale zaken. Je aantal bedden was en is nog steeds een belangrijk deel van je 'productiemiddelen' maar bepaalt daarmee om het formeel te zeggen ook hoever je tegemoet kunt komen aan de vraag naar zorg. Het bepaalt ook deels je omzet als specialist, maar even cruciaal, die van het van het hele ziekenhuis, die ruwweg het acht tot tienvoudige is van het specialisten honorarium. Naarmate we meer gewend zullen zijn aan ons nieuwe organisatiemodel, zal ook die tekortschietende communicatie verbeteren. Een andere vraag is of de lijnen waarlangs we dit besluit genomen hebben nou wel zo handig zijn. De medische staf, via medisch stafbestuur en kernstaf, zijn bij uitstek de strategische partners van de Raad van Bestuur. Met hen zetten we de koers, de richting van het ziekenhuis uit en bieden we de operationele staf de ruimte om langs de gekozen richting uitvoering te geven aan het ziekenhuisbeleid. Als de richting bepaald is, in dit geval is besloten tot een reductie van bedden, is het aan de bedrijfskundig managers en met hen de medisch coördinatoren dit plan uit te werken en binnen de ruimte die gegeven is daar ook over te besluiten. Zaterdag en dinsdag schreef de NRC op pagina drie weer over de IJsselmeerziekenhuizen, waarover ik ook bevraagd ben door Wubby Luyendijk en Esther Rosenberg. Mijn bijdrage staat redelijk goed weergegeven in de krant. De inspectie was in de beginjaren van deze eeuw zoekende hoe zij tot een strakkere handhaving kon komen. Een ziekenhuis sluiten kon niet zomaar, maar een opnamestop komt materieel aardig in de buurt daarvan, dus dat hebben we toen gedaan. Dat gaf veel ophef. Kon dat juridisch wel. Wat duidelijk werd was dat de Kwaliteitswet en de wet BIG betrekkelijk zwakke instrumenten zijn om stevig te interveniëren. Het zijn de tamelijk softe producten van de jaren zeventig en tachtig, waarin de 'permissive society' welig tierde. Zo eist de kwaliteitswet o.a. van de directie het scheppen van voorwaarden voor goede zorg. Over uitkomsten, resultaten wordt niet gerept. En dat is nou net wat iedereen wil, veilige zorg met duidelijk gedefinieerde resultaten als dat kan. Ben ik genezen, kan ik weer lopen, bewegen, werken, functioneren enz. Wat de IJsselmeerziekenhuiscrisis ook laat zien, is de rol, die de medische staf heeft in patiëntveiligheid. Onverlet de eindverantwoordelijkheid moet de medisch specialist zich vergewissen van het veilig functioneren van ruimten en hulpapparatuur. Daar dringt de vergelijking van de piloot zich op, die alle noodzakelijke checks doet, vooraleer hij de lucht in gaat. Daar zit ook meteen de crux voor de dokter. Hoe stel je vast dat de apparaten die je gebruikt inderdaad veilig zijn. Daar gaan we aan werken om dat inzichtelijk te maken. Dan moeten we ook bekijken hoe Raad van Bestuur en medisch stafbestuur in de besluitvorming en verantwoordelijkheid daarin gelijk kunnen optrekken. Vanmorgen hoor ik mijn opvolger bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg, Gerrit van der Wal, over de gebrekkig geregelde veiligheid op de OK's in ons land. Het blijft een lastig verhaal. Het veiligheidniveau is aanvaardbaar zegt vd Wal, maar kan absoluut beter. Betere overdracht, beter onderhoud apparatuur en last but not least handen wassen, handen wassen, handen wassen. Van dat handen wassen riep ik ook afgelopen februari al bij Pauw en Witteman waar ik de inzet van het leger mocht uitleggen bij onze acinetobacter besmetting op de Intensive Care. Daar vielen toen niet alleen Pauw en Witteman over mij heen, maar ook een aantal ziekenhuiscollegae, zo kon je niet spreken over je medewerkers. Ik zei het niet zomaar en ook niet specifiek over MST, dat overigens heel krachtdadig reageerde op haar micobiologische calamiteit. Mijn opmerkingen waren een herhaling van mijn statement gemaakt op 13 october 2005 in de bijeenkomst van de WHO over patiëntveiligheid in de assemblee van de VN in Geneve. Verbonden met dertig landen hebben toen een aantal 'chief medical officers' (inspecteuren generaal en andere officials) van verschillende landen in de wereld, waaronder ikzelf uit Nederland, opgeroepen tot strikte handhygiëne (WHO World Alliance for Patient Safety deel 1 en deel 2). Dat is in vele landen uitgezonden, maar helaas niet in Nederland, daar was geen belangstelling voor dit onderwerp bij de media. Het is te hopen dat dat nu eindelijk wel gebeurt. En voor alle duidelijkheid, dit is geen probleem van MST of van de 22 ziekenhuizen uit de steekproef van de inspectie, dit gaat ons allemaal aan. Het bericht over de tekortschietende handhygiëne komt bovenop de dramatische vertrouwenscrisis in de financiele wereld, die ons al weken teistert. Die lijkt de ziekenhuizen niet te raken. Financieel wellicht niet voorlopig, hoop ik ook vurig, maar de vertrouwenscrisis zelf gaat verder dan alleen de banken. De berichten over de OK's in de ziekenhuizen, waaronder ook wijzelf deze zomer in Oldenzaal, hebben wel iets van een dominospel. Het ene na het andere ziekenhuis meldt problemen met de hygiëne, schone lucht of apparatuur op de OK's en gaat over tot tijdelijke sluiting. Is het dan allemaal kommer en kwel ? Staan we ook daar voor een groot drama, zoals op de beurs? Nee, natuurlijk niet! We zijn wel steeds kritischer, we accepteren geen risico's meer en geloven elkaar niet meer op ons woord, blauwe ogen of anderszins. Dus ook daar een beetje de sfeer van een vertrouwenscrisis. De standaardreactie van de bestuurder is dan 'dat alles onder controle is en dat niemand zich zorgen hoeft te maken'. Dat wapen is bot en ongeloofwaardig, beter is nu te laten zien dat het je menens is met patiëntveiligeid in de zorg, op de OK, op de afdelingen en waar dat maar te pas komt. In ons ziekenhuis gaat daarom nu een stuurgroep van start die de Raad van Bestuuur en het medisch stafbestuur op korte termijn moet rapporteren hoe we in MST onze medische veiligheid op alle terreinen willen borgen. Of het nu gaat om de medische gassen, de hygiëne, de apparatuur of onze overdrachtregels. Aan het werk er mee dus, alleen dan kunnen we onze patiënten veilige zorg blijven garanderen. Of zoals de inspecteur generaal de borging van patientveiligheid vanmorgen zo treffend vergeleek met het gebruik van veiligheidsriemen, ik zeg het hier in mijn eigen woorden, je zal echt niet meteen een ongeluk krijgen als je zonder riemen autorijdt, maar als dat lot je toch treft, ben je wel heel slecht af. En voorkomen is beter dan genezen of helen. J. Herre Kingma |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||