![]() |
![]() |
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Coflex
Dempingwerking en beweeglijkheid De spinaalkanaalstenose van de lumbale wervelkolom Het eindresultaat na implantatie (zijaanzicht) Het eindresultaat na implantatie (achter- aanzicht) De wervelkolom
StabiliseringDe menselijke wervelkolom, ook wel ruggengraat genoemd, dient vooral om het hoofd en bovenlichaam te stabiliseren en daarmee rechtop te kunnen lopen. Hoofdverantwoordelijke voor deze functie zijn de wervellichamen die door hun speciale bouw bijzonder stevig, breukvast zijn en bestand zijn tegen naar boven en beneden gerichte krachten (bijvoorbeeld bij springen, traplopen en normaal lopen). Tot de wervelkolom horen ook de weke delen (spieren, banden, pezen) en gewrichten die zorgen voor de dynamische stabiliteit (zoals bij draaikrachten). Mechanische beschermfunctieDe lendenwervelkolom wordt gevormd door vijf wervels. Een wervel bestaat uit een wervellichaam, wervelbogen waaronder de gewrichten en uitsteeksels behoren Wervellichamen en wervelbogen vormen een kanaal waarin zich het ruggenmerg met zenuwen bevindt die hiermee van de buitenwereld afgeschermd worden. Dempingwerking en beweeglijkheidOm stootkrachten op te vangen zijn er tussen de wervellichamen zogenaamde stootkussens geplaatst: tussenwervelschijven. Samen met de wervelgewrichten maken zij draai-, strek- en buig bewegingen mogelijk van de romp. De tussenwervelschijf bestaat uit en buitenste vezelring en een centrale gel- vormige kern.
1-wervellichaam 2-wervelboog 3-doornuitsteeksel 4-dwarsuitsteeksel 5-wervelgewricht 6-zenuwwortel 7-spinale kanaal 8-tussenwervelschijf De spinaalkanaalstenose van de lumbale wervelkolomIn het wervelkanaal– ook wel spinaal kanaal genoemd– loopt het ruggenmerg van waaruit de zenuwwortels ontspringen. Bij een aangeboren of door slijtage ontstane vernauwing van het spinale kanaal is de ruimte voor het ruggenmerg en zenuwen in het spinale kanaal verminderd. Hierdoor worden het ruggenmerg en de zenuwen afgeklemd. SymptomenDe symptomen kunnen variëren en zijn afhankelijk van de mate van vernauwing en de locatie waar in de wervelkolom dit optreedt. Bij de symptomen horen pijnklachten, veranderde huidsensaties en zelfs verlammingen. Kenmerkend voor de spinaalkanaalstenose in de onderrug is de afname in de loopafstand door klachten. Tijdens het lopen ontstaan heftige klachten van pijn, uitstralend in de billen en bovenbenen en die de patiënt dwingen om stil te gaan staan. Soms zijn slechts nog weinig stappen mogelijk. Door voorover te buigen, te gaan zitten of liggen gaan de klachten verminderen, doordat in deze houdingen in het wervelkanaal weer iets meer ruimte ontstaat. Zo kunnen de meeste patiënten wel ongestoord fietsen. Achteroverbuigen is extra pijnlijk omdat in bij deze stand van de wervelkolom er een extra vernauwing ontstaat. OorzakenWelke oorzaken definitief het versmallen van het wervelkanaal is zeer verschillend. Vaak zijn meerdere factoren die gezamenlijk aan de slijtage- geconditioneerde (degeneratieve) veranderingen.
.
Vaak treden bovenstaande veranderingen gezamenlijk op. Gezonde spinale kanaal Vernauwde spinale kanaal
BehandelingBij de zogenaamde ‘decompressie- operatie worden ingeklemde zenuwvezels van hun druk bevrijd. De omvang de ingreep hangt af van de speciale omstandigheden bij van de individuele patiënt: de wervelboog, aanwezigheid van osteophyten verdikking van ligamenten en gewrichten en de eventuele aanwezigheid van een uitpuiling van de tussenwervelschijf. Om op langere termijn een recidief vernauwing te voorkomen moeten de aangedane delen van de lumbale wervelkolom ontlast en gestabiliseerd worden. Kleine ingreep met groot effect – het nieuwe behandelingsconcept met Coflex voor stabilisatie van de wervelkolom Het Coflex implantaat is ontwikkeld voor de functionele dynamische stabilisatie van de wervelkolom na een decompressie operatie. De speciale kenmerken zijn gebaseerd op 3 criteria:
Als gevolg van de decompressie ingreep kan er een stabiliteitsverlies zijn in dat segment van de wervelkolom Door gebruik te maken van het Coflex implantaat wordt dit verlies gecompenseerd, waarbij tegelijkertijd het segment op hoogte wordt gehouden. De wervelkolomgewrichten worden duurzaam ontlast en de voorheen beklemde zenuwen blijven vrij liggen.
Om een voortschrijdend slijtageproces in de aanliggende wervelkolomsegmenten te voorkomen is er naast de stabilisering, ook het behoud functie ( beweeglijkheid)van groot belang. Het Coflex implantaat is bij achteroverbuigen samendrukbaar en daardoor functioneel dynamisch.
Het Coflex implantaat wordt weefsel sparend ingebracht en staat de behandelde arts toe om precies en zeker ingebracht te worden. Het Coflex implantaat bestaat uit een weerstand resistente titanium legering. Het materiaal heeft zich al jaren bewezen en wordt goed door het lichaam verdragen. De operatie: DecompressieDe operatie vindt plaats onder algemene narcose. Door middel van röntgenopname wordt de vernauwing nauwkeurig gelokaliseerd en de huidsnede bepaald. Na huidsnede wordt over een klein stukje de overliggen spieren terzijde geschoven. In de volgende stap worden de beknelde zenuwen bevrijdt. Hierbij worden alle vernauwweefsels verwijderd (osteophyten, verdikte gewrichten, ligamenten, uitpuilende tussenwervelschijf).(december 2006) Selectie van de implantaatMet behulp van een probeer- implantaat wordt de afstand tussen het doornuitsteeksel gemeten dat de optimale implantaat- grootte bepaald.
Implantatie van CoflexHet Coflex implantaat wordt precies passend tussen de doornuitsteeksel van twee wervellichamen aangrenzende ingezet. Het eindresultaat na implantatie (zijaanzicht)
Na een succesvolle decompressie van de ingeklemde zenuwvezels stabiliseert Coflex blijvend de wervelkolom. Het behoud van functie is gegarandeerd. Het eindresultaat na implantatie (achter- aanzicht)
Wat gebeurt na de ingreep?Wond- en rugpijn kunnen na de ingreep onaangenaam zijn maar kunnen over het algemeen goed met pijnstillers behandeld worden. Het implantaat is meteen belastbaar en stabiliseert de wervelkolom. Over het algemeen mag u. Meteen na de operatie opstaan. Wel moet u de eerste weken grote belasting van de onderrug vermijden zoals
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||