![]() |
![]() |
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Het hoornvlies
Het hoornvlies (cornea) is het etalageruitje van het oog. Dit is het buitenste, glasachtige deel van het oog, waarop men contactlenzen aanbrengt en wat geïrriteerd raakt als het met stof in aanraking komt. Het hoornvlies is ongeveer 550 micron dik (0,55 millimeter) en heeft een diameter van gemiddeld 12 mm. Het hoornvlies is het deel waar het licht het meest wordt gebroken. Daarom is het hoornvlies zeer belangrijk voor het scherpstelvermogen van het oog. De kromming van het hoornvlies bepaalt in sterke mate de breking van het binnenkomende licht. Een traanfilm zorgt voor het glad maken van het oppervlak. Bovendien draagt het bij tot de voeding van het hoornvlies.
Het hoornvlies is opgebouwd uit meerdere lagen. Het dankt zijn doorzichtigheid aan een evenwicht tussen het aan de buitenkant liggende epitheel, het aan de binnenkant liggende endotheel en het tussenin liggende stroma. Het epitheel heeft de belangrijke eigenschap dat het zich kan vernieuwen. Bij een beschadiging vermeerderen de epitheelcellen zich om zo het beschadigde gedeelte binnen enkele dagen te bedekken. Binnen een week kan het gehele epitheel zich volledig vernieuwen. Een ander kenmerk van deze laag is de aanwezigheid van losse zenuwuiteinden, waardoor u irritatie kunt voelen als er stof in uw oog komt. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||